Joey Smit, Kelvin Martinus en Maayke van der Kooy leven en werken al vele jaren aan de Rottemeren. (tekst en foto's: Judith Rikken)
Joey Smit, Kelvin Martinus en Maayke van der Kooy leven en werken al vele jaren aan de Rottemeren. (tekst en foto's: Judith Rikken)

Nieuwe portiers aan de Rottemeren koesteren sluisje en wie erdoorheen gaan

Algemeen 885 keer gelezen

Zevenhuizen - Spierkracht komt er niet meer kijken bij de bediening van de bijna drie eeuwen oude schutsluis Zevenhuizer Verlaat, sinds de in april afgeronde renovatie. Het schutten gebeurt nu volledig automatisch. Nieuwe sluiswachters Maayke van der Kooy, Joey Smit en Kelvin Martinus zitten, of liever staan, nu achter de knoppen en openen desgewenst tien keer per dag - in het weekend twaalf keer - de sluisdeuren tussen de Zevenhuizense Hennipsloot en het plassengebied de Rottemeren.

Al lijkt het er op een zomerse dag wel op, elke dag vakantie is het voor het drietal zeker niet. “We starten om zeven uur ‘s ochtends op en zijn ‘s avonds vaak niet voor tien uur klaar. We zijn hier áltijd en staan altijd aan. Onze eigen boot is dit seizoen het water nog niet ingegaan”, lachen Maayke van der Kooy (39) en Joey Smit (41).

De twee bestieren al tien jaar Jachthaven Rottemeren en werken en wonen met hun drie kinderen aan het water. Dit jaar namen zij de botenverhuur en sluiswachterstaken van de vertrokken buurman Van Vliet over.
Smit is geboren en getogen op een boot in Delfshaven en werd pas op zijn tiende een - nog wel vaak varende - landrot. Op recreatiepark De Bonk aan de Rotte groeide hij op tot een zelfstandig ondernemende twintiger, die - opgeleid als piloot - in zijn eigen vakgebied in crisistijd maar niet aan het werk kwam. Nadat hij het idee van een Boeing besturen had laten varen en weer met beide benen op Zevenhuizense bodem stond, viel zijn oog op wat hij de ‘spookhaven’ aan de Rottemeren noemt. “Van de dertig bootjes die er lagen was de helft gezonken en bijna alles in de haven was kapot en overgroeid. Misschien waren we als jonkies van 27 en 29 een beetje naïef - we hadden geen idee van de lijken die nog uit de kast zouden komen - maar wij wilden de haven graag kopen.” Het duurde twee jaar voordat de koop rondkwam.

Hoewel overgeleverd aan de grillen van het weer, dat bepaalt hoe een dag er voor haar uitziet, bekijkt Van der Kooy het van de zonnige kant: “Ik moet er niet aan denken om de hele dag op kantoor te zitten en aan het eind van de dag niet te weten wat voor weer het is geweest. Dat overkomt mij hier gelukkig niet”, zegt ze. Vóórdat ze havenmeester werd, werkte ze tien jaar als ic-verpleegkundige.

In de toen vijftienjarige Kelvin Martinus (nu 23) uit Zevenkamp vonden de nieuwe jachthaveneigenaren een trouwe medewerker. Smit: “Elk hoekje dat je hier ziet hebben we samen onderhanden genomen.” Martinus, die als tiener als hulpje op de zaterdag begon en inmiddels fulltime op de jachthaven werkt, heeft op het terrein - in het huis naast de sluis - sinds kort ook een plek om te wonen. “Het is leuk om de sluiswachterstaken erbij te doen. Dat maakt het plaatje van mijn werk in de haven compleet.”

Tegelijk met de komst van de drie nieuwe sluiswachters is de doorvaart, die voorheen drie euro per keer kostte, gratis geworden. “Dat is niet aan ons te danken hoor. Het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard - onze opdrachtgever - wil, samen met andere partijen, de vaarroute naar de Hollandsche IJssel aantrekkelijker maken en heeft daar de afgelopen tijd ook veel aan gedaan door bijvoorbeeld de Hennipsloot en de Ringvaart te baggeren. Dat is prettig, want wij zagen voorheen vaak passanten met waterplanten in hun schroef. Als je op vakantie bent, wil je gewoon doorvaren en niet zes keer je motor omhoog moeten halen om je schroef leeg te maken. Als het waterschap het nu goed bijhoudt, kan dit een populaire vaarroute worden.”
De route is een traject van zo’n twaalf kilometer vanaf de Rotte over de Hennipsloot naar de Ringvaart richting de Hollandsche IJssel. Twee keer per dag is er een konvooi met een brugwachter die onderweg zo’n tien bruggetjes opent.

Als vrouwelijke sluiswachter en havenmeester krijgt Van der Kooy soms verbaasde reacties. “Mensen hebben vaak een ander beeld bij iemand met zulke taken.” De nieuwe werkzaamheden van sluiswachter bevallen haar uitstekend. “Het is gezellig om erbij te doen. De mensen die door de sluis gaan zijn vrij, hebben vakantie, zijn blij en vrolijk. Ze hebben altijd iets te vertellen. Omdat het Zevenhuizer Verlaat een kleine sluis is, kun je vanaf de kant leuke praatjes maken. Sommige dagjesmensen vinden door de sluis gaan spannend; het is aan ons om te zorgen dat het goed gaat. Het is voor ons allemaal niet zo moeilijk en vooral heel leuk.”


Vanaf volgend seizoen hopen de jachthaveneigenaren meer elektrische boten voorbij te zien komen. “Na de overname van de botenverhuur hebben we een deel van de vloot verkocht. We willen elektrische boten aanschaffen, zodat we duurzamer zijn en mensen stil door het dorp kunnen varen.”

Zicht op de sluis vanaf de Rottemeren richting Zevenhuizen, vanwaaruit de Ringvaart naar Moordrecht kan worden bevaren. (foto: HHSK)
Maayke van der Kooy staat sinds kort regelmatig achter de knoppen bij het Zevenhuizer Verlaat.
Het metselwerk van de kademuren van de uit 1740 stammende sluis - een rijksmonument - is onlangs gerenoveerd.

Uit de krant